
Tannetje Koning is holistisch dierenarts in Otterlo en heeft het titeren in Nederland geïntroduceerd. Ze geeft regelmatig lezingen in het land in de hoop dat mensen goed nadenken over het enten van hun huisdieren. Tannetje Koning is voorstander van enten, maar met mate.
Hieronder vindt je een beknopt verslag van wat titeren inhoudt.
Wat gebeurt er bij een virus?
Een virus komt binnen via de slijmvliezen of een wondje.
Een virus heeft geen kern en gebruikt daarom andere cellen om zich voor te planten. Deze virussen zijn meestal specifiek voor een diersoort en zelfs specifiek voor een celsoort. Parvo bijvoorbeeld gebruikt alleen de darmcellen van een hond. Maar bijvoorbeeld het hondsdolheidsvirus is minder specifiek en verspreid zich zowel naar de hond als de mens.
Het immuunsysteem herkent het virus aan specifieke antigenen die in de celwand zitten.

Op basis van deze specifieke antigenen worden antilichamen aangemaakt. Antilichamen voorkomen dat een virus zich aan een cel hecht. Dit zijn de T-cellen en de B-cellen. De B-cellen maken antilichamen en geheugencellen en bestrijden het virus buiten de cellen. T-cellen doden het virus d.m.v. T-killercellen in de cellen en activeren de B-cellen.
Als het lichaam geen of niet genoeg antilichamen heeft om het virus te bestrijden, zal het virus zich verspreiden.
Wat doet een vaccinatie?
Een vaccinatie bestrijd een infectie waar geen medicijnen voor zijn.
Door het injecteren van vaccins worden er antilichamen aangemaakt door het lichaam. Het vaccin is zodanig zwak dat het in de meeste gevallen geen ziekte kan veroorzaken. Maar de specifieke T-killercellen, antilichamen en geheugencellen worden aangemaakt waardoor het lichaam is beschermd tegen het virus.
Maar een vaccinatie veroorzaakt ook negatieve bijwerkingen.
Omdat vaccinaties de activatie van T-cellen onderdrukt ontstaan er bijwerkingen. Onderliggende ziektes en kwalen worden immers niet meer goed bestreden door de T-cellen.
Je kunt zeggen dat het immuunsysteem zo druk bezig is met het virus dat andere ziektes en kwalen minder aandacht krijgen en kans zien om uit te breken.
Wat is titeren?
Bij een titermeting worden de antilichamen gemeten van de virussen Hepatitis, Parvo en Hondenziekte. Door middel van een klein beetje bloed af te nemen en op een strookje aan te brengen kunnen er stippen ontstaan waaraan af te lezen is of een hond nog voldoende antilichamen in zijn bloed heeft. Deze test duurt een half uur.
Er staan 4 stippen op het staafje.
De bovenste stip is de controlestip om te controleren of de test werkt.
De tweede stip is Hepatitis.
De derde stip is Parvo.
De vierde stip is Hondenziekte.

Bij het strookje in de afbeelding is Parvo (stip 3) het donkerst, dan Hepatitis (stip 2) en dan Hondenziekte (stip 4). Omgerekend naar jaren kun je zeggen dat Hepatitis over 2 jaar weer getiterd moet worden, Parvo over 4 jaar en Hondenziekte over 0 jaar. Dus hoe donkerder de stip hoe meer antilichamen. Voor het omrekenen naar jaren bestaat een standaard lijst.
Omdat Hepatitis altijd in combinatie met een ander vaccin geënt moet worden, zal de dierenarts moeten bekijken wanneer deze combi dan het beste gegeven kan worden.
Waarom titeren?
Door middel van titeren kan men dus bepalen of er nog antilichamen aanwezig zijn.
Er is aangetoond dat een enting niet werkt wanneer er nog voldoende antilichamen in het lichaam aanwezig zijn. Dus de hond krijgt een enting die niet werkt, maar de bijwerkingen ontstaan wel.
Niet enten is ook geen optie, omdat de hond dan niet voldoende antilichamen heeft. Dus de belangrijkste vraag is “wanneer enten?”
Om antwoord te krijgen op deze vraag kan men titeren.
Wanneer titeren?
Titeren heeft pas zin bij honden van 6 weken of ouder. Als er nog antilichamen in het bloed zitten kan men van de test aflezen hoe lang het ongeveer nog duurt voor de antilichamen verdwenen zijn.
Bij volwassen honden hebben we het dan over jaren. En tegen de tijd dat die jaren verstrijken kan men weer gaan titeren om te bepalen of de antilichamen daadwerkelijk verdwenen zijn.
Wanneer vaccineren?
Pas als de titertest aangeeft dat deze antilichamen niet meer in het lichaam aanwezig zijn heeft vaccineren zin. Volwassen honden bevatten zelfs dan nog geheugencellen die bij een virusuitbraak zorgen voor antilichamen. Maar door een vaccinatie zal het lichaam ook antilichamen aan gaan maken. Bij pups is vaccineren wel noodzakelijk als de antilichamen verdwenen zijn.
Bij jonge pups kan het best getiterd worden tussen de 6 tot 12 weken. Dan nemen de antilichamen die ze van de moeder hebben ontvangen af.
Voordat de pup zijn 1-jaars enting krijgt kan men titeren om te bepalen of de 1 jaars enting zin heeft.
Na de 1 jaars enting kunnen langere intervallen aangehouden worden. Bij een goede titerbepaling wordt aangegeven over hoeveel jaar men weer moet titeren. Sommige dierenartsen willen jaarlijks titeren of om de 3 jaar, wat op zich geen kwaad kan. Het is een dusdanig nieuw iets waar dierenartsen ook vertrouwd mee moeten raken door ervaring, dat ze liever het zekere voor het onzekere nemen.
Mijn conclusie:
We zitten in een behoorlijk vast stramien van jaarlijks vaccineren, want we willen toch het beste voor ons huisdier. Als je bedenkt dat een enting niet werkt wanneer er nog antilichamen in het bloed aanwezig zijn, maar de bijwerkingen wel in alle hevigheid naar voren komen, lijkt een titerbepaling toch de moeite waard om onze werkwijze aan te passen.
Omdat een titerbepaling 96% betrouwbaar is (een test is nooit 100% betrouwbaar) kan het absoluut geen kwaad om deze test uit te voeren. Meten is weten!
Wel of niet enten is niet de vraag. Maar wanneer enten is de vraag.
En ik heb hier de titerbepaling voor de hond besproken, maar deze is er ook voor de kat en het paard.
Hier vind u twee linken naar een lijst met dierenartsen in Nederland die titeren. Laat je van te voren duidelijk inlichten wat het titeren bij hun inhoudt. En vraag om het strookje in het paspoort te plakken. Dit kun je dan tonen bij een show of ander hondenbijeenkomst.
https://www.nmlhealth.com/vaccicheck
https://dierbewust.nl/titerbepaling-lijst-dierenartsen/
